Over André Nijenhuis
Fotografie heeft mij al bijna mijn hele leven in zijn greep.

In 1973 kreeg ik mijn eerste echte camera in handen. Ik was toen een tiener en raakte gefascineerd door de fotografie van fotografen als Ed van der Elsken en William Eggleston. Hun foto’s lieten mij zien dat fotografie veel meer kon zijn dan het vastleggen van een gebeurtenis. Een foto kon een verhaal vertellen, een sfeer oproepen of een heel persoonlijke blik op de wereld laten zien.

Later kwamen daar andere inspiratiebronnen bij. Fotografen als Luigi Ghirri, Sylvia Plachy, Robert Mapplethorpe, Lara Gasparotto, Stephan Vanfleteren, Atze Haytsma en Chris Dorley-Brown hebben mijn manier van kijken en fotograferen mede gevormd.

Toch liep fotografie niet als een rechte lijn door mijn leven. Tussen 1980 en 1995 verdween de fotografie vrijwel volledig naar de achtergrond. Werk, gezin en andere verantwoordelijkheden kregen voorrang. Pas in 1997, toen ik mijn eerste digitale camera kocht, kwam de liefde voor fotografie met volle kracht terug. Het enthousiasme was direct weer aanwezig. Misschien zelfs sterker dan ooit.

In 2002 nam ik deel aan mijn eerste foto-expositie. Niet veel later begon ik voorzichtig met het delen van mijn kennis met andere fotografieliefhebbers. Wat begon als een paar gesprekken aan de keukentafel groeide langzaam uit tot iets veel groters. Vandaag de dag geef ik nog steeds met hetzelfde enthousiasme les als toen.

Ik woon in Rotterdam-Delfshaven, samen met mijn hond Brunt. Ik ben vader van twee kinderen en trotse opa van vijf kleinkinderen. Fotografie speelt nog steeds iedere dag een rol in mijn leven. Niet alleen als docent, maar vooral als fotograaf die nieuwsgierig blijft naar wat er achter de volgende straathoek, achter het volgende licht of achter het volgende beeld verborgen ligt.

Waarom ik de Rotterdamse Fotografieschool ben begonnen
In 2003 begon ik aan de keukentafel met één groep van vijf deelnemers. Het idee was eenvoudig: mensen helpen om hun camera beter te begrijpen en betere foto’s te maken. Maar al snel ontdekte ik dat veel mensen eigenlijk niet op zoek waren naar nóg meer technische informatie. Ze wilden vooral leren kijken. Ze wilden begrijpen waarom sommige foto’s blijven hangen en andere niet. Ze wilden ontdekken wat hen persoonlijk raakt en hoe ze dat kunnen vertalen naar beeld. Van één groep werden het twee groepen. Daarna drie. Vervolgens vier. En bijna iedereen wilde na afloop verder met een volgende cursus. Zo ontstond de Rotterdamse Fotografieschool.

Inmiddels volgen jaarlijks velen cursisten de cursussen, workshops en privétrainingen. Maar de oorspronkelijke gedachte is nooit veranderd: fotografie leer je niet alleen met je camera. Fotografie leer je vooral met je ogen. Geen kiekjes, maar foto’s met een eigen verhaal. Een camera bedienen kun je relatief snel leren. Maar een interessante foto maken is iets anders. Daarom besteden we tijdens de cursussen veel aandacht aan techniek én creativiteit. Natuurlijk leer je hoe sluitertijd, diafragma, ISO, scherpstelling en lichtmeting werken. Maar minstens zo belangrijk is dat je ontdekt wat jij wilt fotograferen. Wat trekt jouw aandacht? Waar word jij nieuwsgierig van? Welke onderwerpen passen bij jou? Wat wil jij eigenlijk vertellen met je foto’s?

Tijdens de lessen gaan we daar actief naar op zoek. Niet door jouw foto’s te vergelijken met die van anderen, maar door samen te ontdekken welke beelden bij jou passen. Welke stijl zich langzaam ontwikkelt. Welke onderwerpen steeds terugkomen. Welke manier van kijken typisch jouw manier van kijken is. Veel cursisten beginnen met de wens om technisch betere foto’s te maken. Vaak ontdekken ze onderweg iets dat veel waardevoller is: hun eigen fotografische handschrift.

Fotografie als persoonlijke expressie
Mijn eigen fotografie beweegt zich ergens tussen fotografie en fine-art fotografie. Voor mij is het verschil eenvoudig. Fotografie documenteert. Fine-art fotografie interpreteert. Een documentaire foto laat zien wat er gebeurde. Een persoonlijke foto laat zien hoe jij dat moment hebt ervaren.

Die gedachte vormt ook de basis van mijn lessen. Ik geloof dat fotografie niet alleen gaat over scherpte, compositie of techniek. Het gaat ook over aandacht, verwondering, nieuwsgierigheid en persoonlijkheid.

Mijn eigen werk is vaak melancholisch van karakter. Ik houd van beelden die ruimte laten voor interpretatie. Van foto’s die niet alles uitleggen. Van zwart-wit beelden met een krachtig contrast maar voldoende nuance in de grijstinten. En steeds vaker ook van kleurfotografie waarin sfeer en emotie een belangrijke rol spelen. Technische perfectie is daarbij niet altijd het doel. Een foto mag soms schuren. Een foto mag vragen oproepen. Een foto mag iets onvolmaakt hebben als dat bijdraagt aan het beeld.

Wat kun je verwachten van de Rotterdamse Fotografieschool?
Een goede sfeer. Kleine groepen. Persoonlijke aandacht. Veel praktijk. Uitdagende opdrachten. Eerlijke feedback. En vooral veel inspiratie.

Of je nu begint met fotograferen of al jaren ervaring hebt, het doel blijft hetzelfde: je helpen om foto’s te maken waar je trots op bent. Niet door simpelweg de techniek uit te leggen, maar door samen te ontdekken wat fotografie voor jou kan betekenen.

Want uiteindelijk gaat fotografie niet over camera’s. Het gaat over kijken. Over verwondering. Over ontdekken. En over het ontwikkelen van een persoonlijke beeldtaal waarmee je kunt laten zien hoe jij de wereld ervaart. Dat is wat ik iedere dag doe bij de Rotterdamse Fotografieschool.

En precies daarom komen zoveel cursisten na hun eerste cursus terug voor een volgende stap in hun fotografische ontwikkeling.